 |
 |
 |
 |
 |
 |
webdesign & CMS by Deltacom
|
Publicatie 1
Van Sophia tot Maria De wedergeboorte van de verborgen Moeder in de 21e eeuw
Annine van der Meer ill. kleur en zw/w 17x24cm, 496 p., pb ISBN 978 90 77408 55 1 NUR 708, 705, 649, 683 € 29,50 Speciale ledenprijs voor donateurs: € 25,00 (alleen bij uitgeverij A3 boeken en tijdens activiteiten van de Academie - op vertoon van donateursbewijs).
Ook de God van de joden en christenen heeft een vrouwelijke kant. Altijd al gehad. Haar naam is Sophia. Ooit bouwde zij haar eigen tempel en hakte naar eigen zeggen zeven zuilen uit. In deze tempel bereidde zij mannen en vrouwen voor op het bewust worden van het goddelijke in zichzelf. Maar Sophia wordt de tempel uitgezet. Gods vrouwelijke wederhelft met haar kosmische kennis wordt weggemaakt, raakt zoek en verdwijnt uit beeld. Annine van der Meer draagt in dit boek de bouwstenen aan waarmee we haar tempel weer kunnen opbouwen: mythen, symbolen, heilige teksten (canoniek en apocrief) en de ervaringen van mystici die met Sophia contact hebben gehad. Allengs wordt duidelijk dat het oudste godsbeeld van de joden manvrouwelijk is. In den beginne schept God met Sophia en scheert zij als zijn geest over de wateren. Dit inclusieve monotheïsme - een voorstadium van het latere exclusieve monotheïsme - is bekend bij Jezus en de eerste joodse christenen, onder wie Maria Magdalena. Zij hebben Sophia goed gekend en zijn op de hoogte van haar geheime kennis hoe je in het goddelijke kunt opgaan en er een mee kunt worden. Het manvrouwelijke godsbeeld van de joden en eerste joodse christenen is in de latere joodse en christelijke traditie geneutraliseerd en vermannelijkt. De (veelal vrouwelijke) aanhangers zijn vervolgd. In de joodse en christelijke apocriefen die onlangs bij Qumran en Nag Hammadi zijn opgegraven, is Sophia als vrouw van de allerhoogste God vol aanwezig. Maak in dit boek kennis met Sophia. Leer haar geheimtaal weer spreken. Ooit maakte zij God zichtbaar en ervaarbaar. Ooit bemiddelde zij tussen hemel en aarde. Dit boek onthult de oorzaken van haar verdwijning en geeft zowel de bijbelse als de apocriefe teksten waarin we haar kunnen terugvinden. Momenteel neemt Maria Sophiale vorm aan en ontwikkelt zij zich tot medeverlosseres, middelares en voorspreekster. Zij bouwt een brug tussen protestante en katholieke, oosterse en westerse christenen, joden en moslims. Met dit boek kunnen we een verloren gods-, mens- en wereldbeeld herstellen en op basis daarvan een nieuw gods-, mens- en wereldbeeld ontwikkelen.
Dr. Annine van der Meer (1953) is godsdiensthistoricus en theoloog. Zij promoveerde in 1989 bij professor Gilles Quispel. Eerder schreef zij Van Venus tot Madonna, een verborgen geschiedenis. Zij is oprichter, voorzitter en docent van Academie PanSophia, kenniscentrum matriarchaat en eenheidsbewustzijn, die zich onder meer richt op het herontdekken van de vrouwelijke god, de vrouwelijke waarden en de bijdrage van vrouwen in oude en eigentijdse culturen.
|
Publicatie 2
Venus is geen vamp het vrouwbeeld in 35.000 jaar venuskunst
Annine van der Meer ca. 1000 ill. kleur en zw/w 21x23cm, 456 p., pb ISBN 978 90 77408 67 4 NUR 694, 649, 708, 764, 720 € 49,95 Speciale ledenprijs voor donateurs: € 45,00 (alleen bij uitgeverij A3 boeken en tijdens activiteiten van de Academie - op vertoon van donateursbewijs).
Het langverwachte vervolg op Van Venus tot Madonna
In dit boek maakt Annine van der Meer een eind aan het geseksualiseerde, gedemoniseerde en patriarchale beeld van de oervrouwe. Ze rekent af met het vrouwloze beeld van de prehistorie zoals de vaderlandse geschiedenis ons voorschotelt. Als een ware pionier brengt Annine van der Meer orde in de chaos van de venuskunst, de sacrale voorchristelijke vrouwelijke kunst die te maken heeft met leven, dood en wedergeboorte. En dan blijkt dat er geen sprake is van chaos, maar van een coherente symbooltaal die universeel en mondiaal is. Dat vrouwelijke kunst - in tegenstelling tot mannelijke kunst - in grote hoeveelheden is vervaardigd volgens een uniform standaardmodel, dat over vele millennia is overgeleverd. Het bewijs wordt geleverd dat vrouwelijkheid gerespecteerd is en centraal heeft gestaan zonder daarbij de balans met het mannelijke in de oude egalitaire samenlevingen te verstoren. Dit boek bestaat uit twee delen. In deel 1 brengt Annine van der Meer de venuskunst in kaart met een typologie en classificatie van soorten en stijlen. Varianten en lichaamshoudingen plaatst ze in een chronologisch kader tegen de achtergrond van een complexer wordende samenleving. De kunst spiegelt de cultuur en de man-vrouwverhouding in die cultuur. Over de hele linie laat de venuskunst een verharding en militarisering van de samenleving zien, waarin de positie van de vrouw en dus het vrouwbeeld verslechtert. Deel 1 behandelt de periode 35.000 tot 10.000 v. Chr. - vanaf het moment dat de vroeg-moderne mens zich in Europa verspreidt tot het moment dat de laatste ijstijd afloopt en de overgang van jagen en voedselverzamelen naar landbouw inzet. Deel 2 behandelt verschillende thema’s en de bijbehorende symbolen per cultuur en chronologisch vanaf 10.000 v. Chr. tot het jaar 0 aan de orde. Thema’s die aan de orde komen zijn Venus’ vormen en getallen, haar lievelingsplekken, haar partnerdieren, geliefde bomen en planten, opvallendste lichaamsdelen, favoriete kleding, hoofdtooi en uitrusting, en kenmerkende lichaamshoudingen. Tot slot is er aandacht voor de christelijke Maria, die veel van Venus’ symbooltaal meeneemt naar de christelijke periode.
Met 'Venus is geen vamp, het vrouwbeeld in 35.000 jaar venuskunst' krijgen we een verloren deel van onze geschiedenis terug. |
Het boek Venus is geen vamp is vernieuwend vanwege:
1. het aantonen van het spirituele karakter van de venuskunst met als grondthema leven, dood en wedergeboorte;
2. het standaardmodel dat Annine van der Meer heeft ontwikkeld voor de venuskunst van 35.000 tot 10.000 zoals die voorkomt in de as van vrouwelijke iconografie over 8000 km van Frankrijk en Spanje via Duitsland, Oostenrijk en Tsjechië, de Oekraïne en Centraal-Rusland tot in Oost-Siberië;
3. het standaardmodel dat zij heeft ontwikkeld voor de venuskunst van na 10.000 v. Chr., waardoor er een verbinding kan worden gelegd tussen kunst uit de oude steentijd (35.000-10.000 v. Chr.) en de kunst uit de nieuwe steentijd en later (na 10.000 v. Chr.) en tal van overeenkomsten zich over 35.000 jaar blijken voor te doen; 4. de onderverdeling van de vrouwelijke sacrale kunst van na 10.000 v. Chr. in twee hoofdgroepen (naturalistisch en abstract) en diverse subgroepen. Nu komen ook de abstracten in beeld, die tot voor kort als geslachtsloos en niet als vrouwelijk werden omschreven. Een van de subgroepen is de bijzondere groep androgynen;
5. het feit dat Annine van der Meer door de symboolkenmerken van het standaardmodel laat zien dat de venuskunst ook elders in Europa, buiten het Midden-Oosten en Europa, wordt aangetroffen. Door jagers/verzamelaarsters en vroege landbouwculturen - in beide samenlevingen was het vrouwelijke prominent aanwezig - is deze venuskunst over de wereld verspreid. In later tijden is zij geërotiseerd en gesexualiseerd; 6. het in een historisch kader plaatsen van de ontwikkelingen binnen de venuskunst in het Midden-Oosten van 10.000 v. Chr. tot 0. Zo blijkt dat de volle zittende vrouwe eerst een gerespecteerde positie in de samenleving inneemt. Maar in brons- en ijzertijd slankt zij beduidend af en verliest zij haar naaktheid doordat zij in vele lagen kleding wordt ingepakt. Zo wordt zichtbaar hoe de positie van de vrouw en het vrouwbeeld verslechteren tegen de achtergrond van een complexer wordende samenleving;
7. het aantonen dat vanaf de ijzertijd na 1000 v. Chr. een mannelijk symboolsysteem over het vrouwelijke wordt gelegd en vrouwelijke kunst in het opkomend monotheïsme de labels opgeplakt krijgt van vruchtbaarheidscultus en afgodendienst (deel 2);
8. het dwars door allerlei culturen heen en in een chronologische lijn volgen van diverse thema’s en de bijbehorende symbolen, zoals water, eiland, tuin, berg, grot, partnerdieren, bomen en planten, lichaamsdelen, kleding, kapsel, hoofdtooi en lichaamshoudingen. Nu is ook de patriarchalisering van de thema’s na 1000 v. Chr. te volgen (deel 2).
Het door Annine van der Meer herontdekte mondiale vrouwelijke symboolsysteem is gebaseerd op de volgende studies:
a. Voor de periode 35.000- 10.000 v. Chr.: het overzichtswerk van de archeologen Prof. Dr. Göran Burenhult uit Stockholm (Zweden) en Dr. Jan Jelinek uit Brno (Tsjechië) en talloze archeologen uit de Russische Federatie.
b. Voor de periode na 10.000 v. Chr.: met name het pionierswerk in het Oude Europa van archeologe en symbooldeskundige wijlen Prof. Dr. Marija Gimbutas (UCLA) en het werk van hedendaagse Roemeense en Bulgaarse archeologen; in Anatolië het werk van archeoloog Dr. James Mellaart en dat van hedendaagse Turkse archeologen; in Griekenland en Kreta o.a. dat van Griekse archeoloog Dr. Vassos Karageorghis; in Cyprus het recente werk van de Frans-Griekse archeologe Dr. Jaqueline Karageorghis en de Nederlandse archeologe Drs. Stella Lubsen-Admiraal; in de Cycladen het recente werk van de Griekse archeologen Dr. Christos Doumas en Dr. Peggy Sotirakopoulou en de Duitse archeologen Dr. Jürgen Thimme (Karlsruhe) en Dr. Olav Höckmann (Mainz).
c. Voor de tijd na 10.000 v. Chr. in het Midden-Oosten: het recente overzichtswerk van de theologen en symbooldeskundigen emeritus Prof. Dr. Othmar Keel (Freiburg) en Prof. Dr. Silvia Schroer (Bern) uit Zwitserland. Zij baseren hun overkoepelende werk op honderden archeologische veldstudies in het gebied van de vruchtbare halve maan in het Midden-Oosten aangevuld met Anatolië en Egypte. Daarnaast maakten zij gebruik van de al eerder verschenen overzichtswerken van pioniers als Prof. Dr. Christoph Uehlinger en Dr. Urs Winter.
d. Voor de mondiale verspreiding van venuskunst uit jagers/verzamelaarsters- en vroege landbouwculturen: het pionierswerk van de Duitse filosofe, methodologe en grondlegster van de matriarchaatstudie Dr. Heide Göttner-Abendroth.
|
Publicatie 3
Van Venus tot Madonna een verborgen geschiedenis
Den Haag, 2006 ISBN 90 6271 994 5 NUR 708/705 http://venus.synthese.ws
‘Van Venus tot Madonna’, een verborgen geschiedenis is een speurtocht naar een verloren moederland, een vervlogen tijd waarin moeders en vrouwen nog respect genieten en in harmonie leven. Een land waar God de moeder alom gekend wordt en nog niet zoek geraakt is zoals in de latere vaderculturen. Archeologie, kunst, mythen en hymnen worden onderzocht om dit verloren moederland opnieuw in kaart brengen. Men spreekt er de taal van beelden en symbolen. In het boek wordt de code van deze vergeten en verloren beeldtaal ontcijferd. Na de moederculturen breekt de tijd waarin vaderculturen de overhand krijgen. Het boek brengt die omslag en de oorzaken ervan in kaart. Het beschrijft de overgang van moeder- naar vaderland. De symbolen die de mensen ooit met de moedermelk indronken, worden in een taal der vaders omgezet. Van Moeder wordt God een vader. Zelf raakt de Moeder verborgen. In tal van vaderculturen mag zij niet meer zijn. En mét haar worden haar hemelse én aardse dochters geestelijk én fysiek gekrenkt, veracht, verkracht, verminkt en vermoord. In het vaderland is de wereld is hard geworden en veruiterlijkt. Toch leven de symbolen van de verborgen Moeder hier verhuld en versluierd voort. In dit boek leer je ze weer kennen. De verborgen Moeder is niet dood., zij leeft! Lees hoe zij als het ware opnieuw geboren wordt in deze tijd. Het herkennen van de symbolen van de verborgen Moeder en haar dochters maken het in de vadercultuur verharde hart weer zacht. Doen je de harde en veruiterlijkte cultuur- en religie van de vaders relativeren en in historisch en symbolisch perspectief plaatsen. En laten je eindelijk in jezelf thuis komen. Thuis bij je eigen Vader én Moeder in jouw eigen diepste en goddelijke Zelf.
- appendix I: de chronologie van de prehistorie tot de Romeinse tijd
- appendix IIa: cijfers over de verhouding tussen het mannelijke en het vrouwelijke in kunst, graven en huizen
- appendix IIb: extra kaartmateriaal van oude culturen
- noten: complete lijst van voetnoten (129 pagina's)
- literatuur: complete lijst van geraadplaagde literatuur per onderwerp (21 pagina's)
- register: compleet register (71 pagina's)
- illustraties: extra kleuren-illustraties bij het boek
- samenvatting: hoofdstuk 3 (p. 26-35), dat als samenvatting van het boek kan worden gelezen
|
|
|